Zo vind je de juiste bandenspanning voor jouw auto
Je wilt weten hoeveel lucht er in de banden van jouw auto hoort, maar online waarden kunnen verschillen. Gebruik je kenteken als zoekingang en controleer de uitkomst altijd met de sticker of handleiding van de auto.
De juiste bandenspanning hangt af van de auto en kan ook verschillen bij een volle auto met passagiers en bagage. Een zoekopdracht op kenteken is daarom handig als startpunt, maar niet automatisch doorslaggevend: de voertuigsticker en handleiding geven de waarden voor jouw auto. Zo vergelijk je de gegevens en pomp je de banden op volgens de juiste situatie.
Geeft een kentekenzoeker altijd de juiste spanning?
Een kenteken kan helpen om het merk, model en de uitvoering van je auto te herkennen. Sommige online diensten koppelen daar bandenspanningswaarden aan. De RDW biedt voertuiggegevens op kenteken, maar op de geraadpleegde RDW-pagina staat geen algemene bandenspanningstabel per kenteken. Behandel een zoekresultaat dus als een aanwijzing en vergelijk het met de gegevens van de fabrikant.
De betrouwbaarste controle is de sticker op de auto of het instructieboekje. Volgens de ANWB-uitleg over bandenspanning vind je de voorgeschreven waarden doorgaans in het instructieboekje en soms op een sticker in de deurstijl of achter het tankklepje. Kies de waarde die hoort bij jouw bandenmaat en de belasting van de auto.
Welke gegevens moet je naast het kenteken vergelijken?
Controleer eerst of de zoekuitkomst bij de juiste auto en uitvoering hoort. Kijk vervolgens welke bandenmaat op de band staat en of die maat overeenkomt met de maat waarvoor de opgegeven spanning geldt. De bandenspanning op de zijkant van de band is geen vervanging voor de voertuigwaarde: volg de druk die de autofabrikant voorschrijft.
Let ook op het verschil tussen normale en zware belading. Bij een volle auto kan een andere druk gelden, vaak met afzonderlijke waarden voor de voor- en achterbanden. De ANWB-checklist voor een vakantierit adviseert de tabel voor zware belading op de sticker of in het instructieboekje te raadplegen.
Als je twijfelt of je bandenmaat geschikt is voor jouw auto, controleer dan eerst hoe je de juiste banden kiest. Zo voorkom je dat je een spanning overneemt die bij een andere maat of uitvoering hoort.
Hoe pomp je de banden op met de gevonden waarde?
- Zoek de waarde op de sticker of in de handleiding en kies de regel voor jouw belading.
- Meet bij voorkeur wanneer de banden koud zijn: voordat je rijdt of na een korte rit.
- Stel de bandenpomp in op de voorgeschreven waarde en sluit het mondstuk recht op het ventiel aan.
- Controleer de druk opnieuw en draai de ventieldopjes terug.
De ANWB adviseert de spanning maandelijks te controleren en vóór een lange rit. Een pomp bij een tankstation kan minder nauwkeurig meten dan een eigen bandenspanningsmeter, dus controleer een twijfelachtige meting eventueel met een tweede meter.
Wat doe je als de gevonden waarde niet overeenkomt?
Volg in beginsel de sticker of handleiding die bij de auto hoort. Controleer of je de juiste belading en bandenmaat hebt gekozen en of de kentekentool niet een andere uitvoering toont. Blijft het verschil bestaan, vraag dan een garage of bandenmonteur om de fabriekswaarde voor jouw uitvoering te controleren.
Verliest één band opvallend veel druk of moet je er telkens lucht bij doen, dan kan er een lek of probleem met het ventiel zijn. Laat de band controleren in plaats van alleen steeds opnieuw op te pompen. De juiste druk helpt bovendien om de banden goed te gebruiken; bekijk ook wanneer je banden aan vervanging toe zijn via banden kiezen en onderhouden.
Veelgestelde vragen
Kan ik de bandenspanning rechtstreeks bij de RDW opzoeken met mijn kenteken?
De RDW geeft voertuiggegevens op kenteken, maar de geraadpleegde RDW-informatie bevat geen algemene tabel met de voorgeschreven bandenspanning per auto. Zoek eventueel via een andere kentekentool, maar controleer de gevonden waarde met de sticker in de auto of de handleiding.
Moet ik de bandenspanning aanpassen als de auto volgeladen is?
Dat kan nodig zijn. Autofabrikanten vermelden soms een aparte spanning voor zware belading, bijvoorbeeld wanneer je met passagiers en bagage rijdt. Kijk op de sticker of in de handleiding welke waarde bij die situatie hoort en gebruik niet automatisch de normale-beladingswaarde.
Hoe vaak moet ik mijn bandenspanning controleren?
ANWB adviseert de bandenspanning maandelijks te controleren en ook vóór een lange rit. Meet bij voorkeur voordat je die dag hebt gereden, of nadat je hooguit een korte afstand hebt afgelegd. Controleer zo mogelijk ook het reservewiel.